Posts tonen met het label Alzheimer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Alzheimer. Alle posts tonen

dinsdag 17 oktober 2017

Koffiedame

Vandaag komt het beter uit dat ik koffie en thee rondbreng. Of ik dat een bezwaar vind? Eerlijk gezegd heb ik meer zin om weer te gaan rolstoelwandelen, maar okee, ik vind het niet echt een bezwaar. Zo komt het dat ik met het karretje van afdeling zeven, naar zes enzovoort tot aan afdeling twee de kamers langs ga om te kijken wie er koffie respectievelijk thee wil. Tot mijn verbazing doe ik er anderhalf uur over, maar ja, ik maak natuurlijk even een praatje met de meeste bewoners. Sommigen zien nauwelijks iemand de rest van de dag.

' Ik heb twee kinderen, maar ze komen alleen op zondag, tenminste als ze het niet te druk hebben,' zegt een tachtig jarige mevrouw. We praten wat over de koffie en over allerlei ditjes en datjes en dan kijkt ze me zorgelijk aan:
'Ik wil geen kinderen meer. Waar moeten ze heen als ik doodga?'
Ik stel haar gerust en zeg dat dat ook niet meer hoeft, dat de tijd van kinderen krijgen voorbij is voor haar. Ze kijkt me nadenkend aan en zegt dan met een zucht:
'Oh gelukkig.'
En ik ga weer verder.

Even later komt een meneer naar me toe; of hij ook een kopje koffie krijgt.
'Ja natuurlijk, ik kom zo bij u.'
Op mijn lijstje staat dat deze meneer nooit koffie of thee wil. Zijn deur staat open en er staat een kopje klaar om de koffie in te schenken.
'Suiker en melk?'
'Suiker en melk en twintig koekjes.'
'Zo, twintig koekjes, echt waar?'
We lachen samen en ik schenk zijn koffie in, daarna houd ik de koekjestrommel voor hem. Hij pakt een koekje.
'U wilt er toch twintig, pak nog maar even door.' Hij pakt er nog twee.
'Kijk, deze is ook lekker en die heeft u ook nog niet.' Hij gelooft zijn ogen, oren niet. Hij buigt voorover en houdt zijn handen als een kind voor zijn gezicht.
'Ik ben blij, ik ben zo blij.'
'Waarom bent u zo blij?'
'Ik krijg altijd maar één koekje.'

Zo heb ik nog enkele lieve korte ontmoetingen die me diep in mijn hart raken. Jeetje, misschien ga ik nog wel een keer koffie rondbrengen. Wat geniet ik van die korte momentjes met de verschillende bewoners.




woensdag 21 juni 2017

Wie ben je en wat is je verhaal?

Inmiddels heb ik in verschillende huizen in de omgeving rondgelopen, en veel vormen van dementie gezien. Van licht dement tot echt niet meer aanspreekbaar. Zoveel mensen zo veel soorten dementie lijkt het wel.

Ik herinner me de mevrouw die heel onrustig heen en weer loopt en altijd op zoek is. 'Waar is mijn baby, ze hebben mijn baby meegenomen.'
Of de mevrouw die me doordringend aankijkt als ze voor me staat en in haar eigen taal een erbarmelijk verhaal vertelt, ik voel dat ze iets van me verwacht maar ik heb geen idee wat dan.
Of de meneer die opeens verschrikkelijk boos kan worden, hij is zijn spraak verloren. Vaak zit hij maar wat stilletjes in een stoel voor zich uit te kijken. Totdat er muziek wordt gemaakt, dan danst hij alsof zijn leven er van afhangt.
Er is ook de mevrouw die volkomen in haar eigen wereld een boterhammetje eet. Stil. Alleen. Ze reageert niet als ik iets zeg. Maar als ik haar zachtjes over haar wang aai dan krijg ik de mooiste, de liefste glimlach terwijl ze me recht aan kijkt.
Er is ook de meneer die nauwelijks meer praat, hij probeert het soms wel maar het zijn haast dierlijke klanken. We zitten buiten, hij rookt een sigaretje en we hebben opeens een gesprek. Het gaat moeizaam maar ik begrijp dat hij huizen heeft gebouwd en dat hij trots is op zijn werk. Hij straalt als ik hem versta. Hij straalt eigenlijk altijd, ondanks dat hij zich zo moeilijk kan uitdrukken. Alleen als niemand kijkt dan heeft hij een trieste oogopslag en zit ver weg in zichzelf.

Dementie, Alzheimer; het is zo fascinerend en tegelijk zo triest.





zondag 30 april 2017

Ze noemen mij

Ik heb al eerder verteld dat ik een nieuwe vriend heb. Mijn man is niet jaloers, sterker nog, hij laat mij de groeten overbrengen aan mijn nieuwe vriend, genaamd Marco.
Marco en ik hebben een aparte band met elkaar. Althans dat beeld ik mij graag in. Wij delen een zekere liefde voor de Gambia, West Afrika. Marco's ex- vrouw woont daar en hij heeft haar daar opgezocht. Hij heeft krokodillen gezien, en bier gedronken. Iedere week vraagt hij me of ik T-boy ken, en inmiddels kan ik antwoorden: 'Oh ja, T-boy heeft altijd honger."
Hij lacht dan tevreden.

Lieve Marco, wie hem kent moet wel van hem houden. Hij is een levende encyclopedie. iedere dinsdagochtend, wanneer we met de rolstoelers gaan wandelen, loopt hij mee en vertelt honderduit. Het is een uitdaging om logica in zijn weetjes te zien. Van steden in Australië tot alle supermarkten of benzinestations die hij kent. En Gambia. Zijn ex-vrouw woont tegenwoordig in Gambia en heeft daar een nieuwe  naam gekregen. "Ze noemen haar Fatou", zegt hij.
Mijn man komt uit Gambia en ik heb ook een nieuwe naam in Gambia gekregen, en ik zeg  tegen hem: "Ze noemen mij Aicha."
Heel even blijft hij stil, wat uitzonderlijk voor hem is. Met een stalen gezicht zegt hij daarna tegen me: "Ze noemen mij Marco. "
De schat!


donderdag 2 maart 2017

Eindelijk weer voorlezen

Het lijkt een eeuw geleden dat ik officieel als Voorleeskracht aan de gang was. Op een gegeven moment was ik gezelschapsdame of misschien wel animeermeisje. Dat beviel me overigens ook goed. Maar nadat ik even stap op de plaats hield, kwam ik tot het besef dat ik, naast het rolstoelwandelen dat ik blijf doen,  graag terug naar mijn roots wil: Het voorlezen aan een oudere dame met beginnende dementie. Mijn voorkeur gaat ook nog eens uit naar iemand die nauwelijks visite krijgt. Iemand zonder familie of vrienden. Helaas zijn die er volop!
Gelukkig niet in het laatste huis waar ik kwam. Gelukkig voor de betrokkenen, maar het maakte wel dat ik verder ging kijken. Heel dubbel is het gevoel dat in het huis waar ik al meedoe met rolstoelwandelen, wel een dame is gevonden die aan deze criteria voldoet.

Al met al ben ik toch blij dat ik vanaf volgende week weer ga beginnen. Ik ben al weer boekjes aan het uitzoeken. Heb er zin in.
Afbeeldingsresultaat voor voorlezen aan ouderen. tekening


donderdag 2 februari 2017

Windstilte

Het is inmiddels februari geworden. Wie had gedacht dat mijn bezoeken aan demente bejaarden zo lang stil zouden liggen! In november blogde ik al enkele overwegingen van een vrijwilliger, van deze vrijwilliger.
Laat ik beginnen met te zeggen dat ik heel blij ben met de rolstoelwandelgroep waar ik sinds enkele maanden bij ben. Ik doe het met veel plezier en het contact met de mensen is fijn. Zowel met de patienten, noem je dat zo? als met de andere vrijwilligers.

Wat niet zo vlot, dat zijn de één op één contacten. Zoals gezegd wil ik op bezoek bij iemand die niet of nauwelijks bezoek heeft, en niet tussen twee andere vrijwilligers ingepropt worden. Bovendien vind ik het moeilijk dat je steeds afscheid moet nemen en weer opnieuw energie steekt in het leren kennen van iemand die steeds verder weg gaat. Onbereikbaarder wordt. Daarom ben ik ook naar andere mogelijkheden gaan kijken.

Afbeeldingsresultaat voor voorlezen dementieDe tovertafel waar ik het over had, blijkt meer dan genoeg vrijwilligers te hebben en valt dus af. Ik wil nu weer terug naar het begin: voorlezen aan demente ouderen. Met alle moeilijkheden van dien. Dementie kan heel snel gaan, en degene aan wie je de ene maand nog kunt voorlezen, die kan een of twee maanden later al onbereikbaar zijn. Ook is het vaak moeilijk om een rustige, afgescheiden plek te vinden in een tehuis.Ik ben vorige week terug gegaan naar de bibliotheek, die de voorleeskrachten coördineert en heb een gesprek gehad. En wat blijkt... het huis waar ik al vrijwilliger ben, zoekt nu ook voorleeskrachten. Leuk dus. http://deelbewust.com/wp-content/uploads/2013/09/Hielspoor1.jpgDaar heb ik me nu voor aangemeld, er blijkt nog iemand te zijn die zich heeft aangemeld, dus ik wacht even de reactie af. Mogelijk kunnen we samen voorlezen.

Nog meer windstilte wordt ondertussen veroorzaakt door een voetblessure: een hielspoor dat is overgegaan in een voorvoetblessure. Pijn, vocht, vermoeiend. Dokterbezoek wijst niets uit dat ik zelf nog niet had bedacht. Begon tussen kerst en oud en nieuw, en speelt nog steeds op. Balen. Ik mis het rolstoelwandelen.

dinsdag 6 december 2016

Koud maar zonnig

De laatste twee weken is het koud. Handschoenen aan op de fiets. Twijfel; doe ik een muts op? Twijfel; gaan we lopen met de oudjes? Jawel. Vorige week en vandaag zijn we gewoon gaan lopen. Warme jassen, handschoenen, petjes, dekentje over de benen. Heerlijk!
Ik hou ECHT NIET van kou, maar wat is het lekker om de mensen toch even mee naar buiten te nemen, als ze dat willen uiteraard. Twee lopers, drie rolstoelen vanochtend. We hebben genoten. Na afloop een warme kop koffie, even bijpraten met de vrijwilligers, en we kunnen er weer tegen voor een week...

donderdag 10 november 2016

Overwegingen van een vrijwilliger


Het is even stil, het is -pas-op-de-plaats- in mij. Overwegingen; hoe wil ik verder? Wat vind ik belangrijk?
Een tijd geleden alweer ben ik in een nieuw (voor mij) tehuis begonnen als rolstoelwandelaar, en dat bevalt me heel goed. Het is een fijn tehuis, kleinschalig, specifieke doelgroep. Een leuke groep bewoners die meestal meegaat, en vooral de medewandel-vrijwilligers zijn prettig en de vrijwilligerscoördinatrice is zeer betrokken.
Daar gaat het toch niet om?

Jawel, dat is ook belangrijk. Ik wil als vrijwilliger goed worden behandeld... Prettig kunnen werken.  Soms schiet dat er bij in. Deels begrijpelijk, de werkdruk in de zorg is heel hoog, en dan ook nog rekening houden met vrijwilligers, poe hee. Maar toch! Als vrijwilliger lever ik liefde-werk, werk van het hart. Er staat geen financiële waardering tegenover.
Wat mijn motivatie is? Deels ben ik vrijwilliger omdat het zo nodig is, zoveel mensen kunnen een klein beetje extra aandacht heel goed gebruiken. En deels is het voor mijzelf. Ik wil er blij van worden, nou ja, blij, ik wil er voldoening uit halen. Is dat erg, dat eigenbelang meetelt? Ik denk het niet.
Toch vind ik het een moeilijke beslissing: er is een vrouw die heel hard bezoek nodig heeft, maar ik ga het liefst naar iemand die verder geen bezoek heeft en deze vrouw heeft al een aantal keer in de week bezoek. Hoe zwaar weegt mijn eigen wens/ criterium: weinig of geen ander bezoek? Zwaar, merk ik na serieus overwegen. Er zijn veel mensen die niet of nooit bezoek krijgen, alleen niet in dit huis, waar ik mij nu aan heb verbonden. Een huis waar ik graag kom. Ik heb nee gezegd.


Terwijl dit dilemma voor mij speelt, maak ik kennis met de Tovertafel Wow, dat is geweldig. De tafel trekt mijn aandacht en ik tip zelfs iemand uit een van de twee huizen waar ik aan verbonden ben. Het lijkt me een geweldig idee om rond de op handen zijnde verbouwing zo'n tovertafel aan te schaffen, zeker met het oog op de steeds groter wordende groep mensen met dementie.  Ik hoor niets terug, drukdrukdruk, ik weet het.
Opeens besluit ik verder te kijken. Misschien kan ik als vrijwilliger ergens in de buurt met deze Tovertafel werken...


Wordt vervolgd








dinsdag 25 oktober 2016

Zingen voor contact

Vandaag volgde ik een erg leuke workshop over zingen voor mensen met dementie, of beter gezegd zingen mét mensen met dementie, natuurlijk.
Ik heb het me niet zo gerealiseerd maar eigenlijk gebruik ik het zingen, al is het zonder woorden, ook al. Tijdens het rolstoelwandelen heb je niet zo veel contact met degene die je voortduwt. De meneer waar ik meestal mee loop, beweegt zijn rechterhand vaak alsof hij de maat slaat, of misschien een lied in zijn hoofd heeft. Ik loop meestal achteraan de rij, want onderweg zie ik van alles of ik wijs op een vogel of zie een kat etc. Kortom, ik loop langzamer dan de rest.  Zodoende durf ik hardop, maar zeker niet hard, te zingen. Zonder woorden maar het is ook geen neuriën. Gewoon; zingen zonder woorden. Dan zie ik meneer even zijn hand stil houden alsof hij mij hoort en hij past zijn ritme aan aan mijn lied. Ik ben ontroerd... we hebben contact. Mooi.

donderdag 13 oktober 2016

Een uurtje per week

Het is alweer even geleden dat ik hier een stukje plaatste, het is ook alweer even geleden dat ik één op één ontmoetingen had met een oudere met dementie. Zoals eerder gezegd heb ik een pauze nodig want het zijn intensieve contacten. Het ligt eraan hoe diep je in deze ontmoetingen gaat en ik ga vrij diep. En ik moest vaak afscheid nemen, de leeftijden van de dames waar ik kwam ligt hoog, meest boven de tachtig. En toch...
Deze tekst is niet van mij maar ik plaats de link omdat het een situatie is  die  je regelmatig mee kunt maken, en je ziet hoe een beetje aandacht verschil kan maken.

Ik zou graag willen dat de stukjes die ik schrijf iemand op het idee brengen om ook tijd vrij te houden/ maken om een oudere in een tehuis op te zoeken, een uurtje per week is al genoeg. Zoals ik hiernaast al zeg- de woorden zijn een beetje verdraaid gepubliceerd- ; Honden worden iedere dag uitgelaten en veel ouderen komen maar één in de week of nog minder buiten.
Ik zou het niet willen verplichten. Hiernaast wordt gesproken over een zorgplicht, maar dat is niet mijn idee. Het is belangrijk dat je iets met je hart doet. Ik moet er niet aan denken dat mensen uit verplichting ouderen bezoeken, maar ik zou geweldig vinden wanneer meer mensen iemand die te veel alleen is een bezoekje willen brengen, mee uit wandelen nemen, een spelletje schaak doen, de krant voorlezen, of wat je maar kunt bedenken.

Ik begin dit stukje met aan te geven dat het ook zwaar kan zijn omdat je misschien snel weer afscheid moet nemen, maar ik persoonlijk vind het prachtig om te doen. Het gevoel dat je toch even een verschil maakt in iemands laatste dagen, maanden. Ik vind het bijzonder om te zien hoe mooi mensen zijn wanneer ze weer extra aandacht krijgen...

dinsdag 6 september 2016

Nieuwbouw Rosa Spier Huis

Het Rosa Spier Huis wordt verbouwd. De plannen worden steeds echter en komen steeds dichterbij.Deze maand zijn er verschillende informatie bijeenkomsten waarin wordt getoond hoe de nieuwbouw er uit gaat zien.  Voor wie interesse heeft: 27 september a.s. om 19.00 uur is er nog een info-avond. Ik ben zelf maandagmiddag geweest op de bijeenkomst voor medewerkers en vrijwilligers.
Nou vind ik het so wie so leuk om bouwtekeningen te bekijken, maar ik ben ook heel benieuwd hoe het nieuwe Rosa Spier Huis gaat worden. Ik loop er nu zo'n jaar ongeveer rond en er hangt een speciale sfeer, een sfeer die haast niet uit te leggen is en die heel anders is dan in andere huizen waar ik in de loop der jaren ben geweest. Dat is meteen mijn twijfel bij nieuwbouw; sfeer wordt bepaald door de ruimte tússen de muren.
Ik heb te maken met de meerzorg, en dat is de grootste reden dat er nieuwbouw nodig is. De meerzorg is een afdeling die steeds groter zal worden en die speciale eisen stelt. Dus ik snap het, die nieuwbouw.

Eerlijk is eerlijk, het ziet er veelbelovend uit, het nieuwe plan. De woningen worden ruimer en het aantal wordt uitgebreid. Het culturele centrum wordt groter en richt zich ook op mensen van buiten. Als alles gaat zoals de bedoeling is dan zal in 2018 ht nieuwe gebouw een feit zijn en in gebruik worden genomen. Mooi.
Maar... hoe lang zal het duren voordat de ruimte tussen de muren haar eigen sfeer krijgt? Het zal altijd anders zijn, maar hopelijk komt er toch iets van de specifieke Rosa Spier Huis sfeer terug.


dinsdag 30 augustus 2016

Even pauze en een nieuwe start

Mijn hart en ziel ligt in het contact met onze demente medemens. Echt waar. Maar toch...
Vooral de één op één contacten zijn erg zwaar soms, heel waardevol maar ze vragen heel veel focus en energie.
En het is even op. Het valt me van mezelf tegen maar de laatste weken zie ik er steeds meer tegenop om langs te gaan. In korte tijd is dit de derde dame die ik bezoek. En ik ben moe. Kan het even niet opbrengen om opnieuw te finetunen, om dat stukje ziel aan te raken waardoor je ze weer even hun oude zelf laat zien. Iedereen is anders en ieder contact is anders, vraagt een andere energie. Het is meer werken met energie als ik het zo kan noemen dan met iets anders. 'Bronwerk'.  Werken op zielsniveau. Héél intensief, en daarom heb ik een pauze ingelast. Ik weet zeker dat ik de draad weer oppak binnenkort, maar nu even niet. Sorry.

Tegelijk ben ik opnieuw begonnen. Met rolstoelwandelen. Ik vind dat heel leuk, bovendien is het gratis fitness voor mij (!). Hier in het dorp vanuit een kleinschalig tehuis. Dat vind ik toch geloof ik het allerleukste; kleinschalige tehuizen met een specifieke doelgroep. Ik heb nu een keer of drie meegelopen en ik geniet. Volop.
Het contact is iets minder intensief doordat je met een groep bent, je verdeelt de aandacht, zowel tussen de mensen in de rolstoelen als met de collega's. Het is een leuke groep collega's, dat is ook nooit weg.

Ik scheef al eerder over mijn nieuwe vriend; de man met de hoed. Hij vertelt nog steeds honderduit en loopt vaak met me op, terwijl ik een rolstoel duw. Vandaag liepen we door een mooi park, heerlijk in de zon, en ik wilde een foto maken. We zouden snel achterop komen wanneer ik stil sta om een foto te maken, dus vroeg ik mijn vriend of hij foto's wilde maken. En dat wilde hij.  Bij dit stukje staan twee van de foto's die hij nam. Ik vind het leuk om te zien dat als je iemand uitdaagt om iets te doen waarvan je al gauw denkt dat hij dat niet kan, foto's maken in dit geval, dat je dan verrast wordt. Zo zie je maar.
Op de rechterfoto heb ik eerst het gezicht van meneer in de stoel geblurred/ aangepast om hem onherkenbaar te maken. Na overleg heb ik toch meneer en mijzelf verwijderd van de foto, je ziet nu alleen de schaduw van de rolstoel. Met het oog op privacy vind ik dat ik dit moet doen. Waarom ik de foto wél plaats is om te laten zien dat mijn nieuwe vriend heel goede foto's maakt.

Oh ja, ik nam voor mijn nieuwe vriend een cadeautje mee. Eerst vroeg ik aan een medewerkster of het goed is dat ik een cadeautje geef, je weet maar nooit natuurlijk. Hij vond het heel leuk en ik kreeg zowaar een dikke kus van hem. Hij weet waarschijnlijk straks niet meer dat hij een cadeautje kreeg maar volgens mij weet hij nou wel mijn naam. Ook leuk. 


dinsdag 16 augustus 2016

Wat een weer

Voor een blokje om...
Het duurde even voordat iedereen beneden was, en later ook weer boven, omdat maar een van de liften het deed, maar we hebben genóten! Rolstoelwandelen op de dinsdagochtend.






donderdag 4 augustus 2016

Zomaar een bezoekje



Jeetje, wat is het toch apart, zo'n ochtend op bezoek.

Wanneer ik aankom zit mevrouw voor de televisie. Helemaal erin gezogen. Ik weet niet wat ik zal doen. Gelukkig is een van de medewerkers er en hij loopt met me mee. Terwijl hij een kopje koffie voor haar neerzet draait hij de rolstoel om en in één gebaar zet hij de tv uit. Wat slim, denk ik.
Daarna gaat het vanzelf.

Ze vraagt of ik alleen ben en ik zeg dat ik getrouwd ben en twee grote kinderen heb. Ze vertelt dat ze verschillende miskramen heeft gehad. 
           'We hebben het wel geprobeerd maar het ging steeds mis, maar daar wen je wel aan.'
Ik vertelde haar dat ik ook vier miskramen heb gehad. Nou, dat vind ze wel heftig. Ik ook trouwens, wanneer ik het mezelf hoor zeggen.  Ik vraag of zij getrouwd is.
‘Ja,’ zegt ze,’of eigenlijk ben ik weduwe. Van Dirk B.’
 Ze lacht.
‘Echt een Hollandse naam hè.’
We lachen allebei. Ik vertel haar de naam van mijn man: Ebrima B.
            ‘Niet zo Hollands hè.’
Ik leg uit dat hij uit Afrika komt.

Ze kijkt naar een foto van mijn oudste zoon en ze moet lachen. Ze plukt aan haar wang en boven op haar hoofd.
            ‘Hij heeft overal haar en hij lacht niet.’
Een beetje stout zegt ze:
            ‘Hij lijkt wel een boef.’
Natuurlijk neem ik het als moeder voor hem op en vertel dat hij juist helemaal geen boef is en dat hij onderzoek doet naar hoe muziek mensen kan genezen. Ze reageert verbazend helder.
            ‘Daar kan ik me wel wat bij voorstellen. Muziek is heel goed voor je.’
We hebben het nog even over geluidsgolven en cellen van mensen en dat vind ze heel interessant.
            ‘Ja, daar zijn ze de laatste tijd wel meer mee bezig.’

Ze heeft vandaag ongelooflijk heldere momenten.

Daarna draai ik stukjes van  De Jantjes, Het meisje met de blauwe hoed etc. op een meegenomen DVD-spelertje. Ze geniet, ze zingt mee en ze klapt in haar handen.
            ‘Zingen is wel moeilijk,’ zegt ze.
            ‘Ach, eigenlijk alleen als je probeert om mooi te zingen.’
Ze kijkt me aan en beaamt wat ik zeg. Daarna zegt ze dat zingen, net als tekenen uit je hart moet komen en dat het dan altijd goed is. Ik sta opnieuw versteld van haar helderheid op dit moment.
            ‘Ik heb goed kunnen ontspannen,’ zegt ze tenslotte tevreden. 
We gaan liefdevol uit elkaar. 

Tot volgende week.

dinsdag 2 augustus 2016

Nieuwe vriend

Dit moet ik even kwijt: Ik heb een nieuwe vriend!
Ik weet niet of hij het weet, ik denk het eigenlijk niet. Ik heb hem vanochtend voor het eerst ontmoet en ik ben meteen voor hem gevallen.

   'Lissabon. Spanje. Mevrouw, ik ben in Spanje geweest. Vancouver. Toronto.'
Even stil...
   'Jumbo. Lidl. Albert Heijn.'
Even stil...
   'Oh, en Deen.'
Stralende lach.
    'En Nettorama.'
    'Ik heb in Leeuwarden gewoond.'
    'Ik heb een zwarte poes gehad. Ik heb een zwarte poes gehad.'
    'Ik heb een BMW gehad.'


Nog zo veel meer zei hij. Hij is een wandelende encyclopedie. Zonder begin of einde. Zoveel kennis in één hoofd, en zo veel vriendelijkheid en enthousiasme in één mens. Hij zwaaide al voordat hij me kende.  Ik word blij van hem.

donderdag 21 juli 2016

Niet altijd feest

Een boterham met jam, gesneden in kleine hapklare brokjes; een beker drinken en een slabbetje.
'Nieuwe tijden' op de televisie.
 
      'Ik weet ook niet waarom, dat hebben ze voor me neergezet.'
Ik stel voor om even naar buiten te gaan; eerst ja dan nee. Wat zal ik doen? Oh, ze slaapt. Ik ga maar. Oh, ze is weer wakker.
Ik stel nogmaals voor om naar het terras te gaan en ze kijkt me niet begrijpend aan.
De televisie doe ik uit, en haar bord en beker plaats ik op het aanrecht. Ondertussen leg ik uit dat we even naar buiten gaan omdat de zon zo lekker schijnt.
     'De zon schijnt.'
Herhaalt ze, ondertussen kijkt ze bedenkelijk wat ik doe.
     'Ik zal uw slab maar afdoen als we naar buiten gaan?'
     'Waarom? Heeft u er soms last van dat ik hem om heb!'
Okee, gaan we zo beginnen, denk ik even geïrriteerd. Het klinkt niet erg vriendelijk, maar ik snap het wel, als alles maar gedaan wordt voor en met je en je hebt geen enkele zeggenschap of invloed meer.
     'Ik snap het niet,' klinkt het wat onzeker nu.
     'Wat snapt u niet?'
     'Nou, wat u komt doen en wie u bent.'
     'Ik ben Saskia,' zeg ik opnieuw, 'en ik kom bij u op visite.'
Ze kijkt me aan zonder een reactie, haar ogen vallen af en toe dicht, maar kijken meestal richting de televisie.
     'U heeft denk ik niet veel zin in visite vandaag.'
     'Oh.'
     'Daarom ga ik nu weg, dan kunt u rustig televisie kijken.'
     'Ja, dat lijkt me beter.'
Haar ogen vallen weer dicht nog voordat ik het kleine kamertje uit ben.

Er zijn van die dagen dat ik eigenlijk niet wil gaan, alsof iets me tegenhoudt.
* Ruim een jaar geleden.
   Ik ga toch en dan blijkt mevrouw de dag ervoor te zijn overleden.
* Drie weken geleden.
   Ik ga toch en dan blijkt de kamer leeg bij aankomst; mevrouw ligt in het ziekenhuis.
* Vandaag.
   Ik ga toch en ze zit in een bubbel; in een laat-me-met-rust-bubbel.
Tsja...




donderdag 14 juli 2016

Zo'n omhoogstaand ding

Ja hoor, het is weer zo ver. Vanochtend was ik op visite bij mevrouw B.

Kijk, hij heeft handtasjes bij zich.
Vandaag heb ik haar apart voorgelezen, op haar eigen kamer. Nadat het vorige week zo'n succes bleek, heb ik vandaag nog een keer 'Humble Fluisteringen', tekeningen en quotes meegenomen en het boekje 'Meneer Humble, verhalen en tekeningen.'
Eerst bladeren we samen door 'Fluisteringen'. Sommige tekeningen vindt ze wel erg simpel en sommige quotes vindt ze veel te filosofisch. Opmerkelijk is dat iedere keer dat ze door het boekje bladert de tekeningen volkomen nieuw voor haar zijn en haar reacties dientengevolge ook steeds verschillend. Er is echter één ding waar ze niet bij kan.
     'Is het nou een mannetje of een vrouwtje? Ik kan het niet zien hoor.'
     'Dat maakt toch eigenlijk niets uit.'
     'Nou, hij moet zo'n omhoogstaand ding hebben. Dat vinden ze wel erg fijn hoor.'
     'Uh...?'
     'Ja, dat vinden ze aangenaam. En als je nader bij elkaar komt dan kun je daar mee spelen. Nou ja het hoeft niet hoor, maar dat vindt zo'n man wel aangenaam.'
Ze is een tijdje stil en lijkt terug in de tijd te gaan.
     'Ja, dat hoort er wel bij hoor.'
Ik leg uit dat het verhalen en tekeningen voor kinderen zijn.
     'Nou dat maakt toch niet uit, zo'n omhoogstaand ding is toch heel normaal.'
     'Ja, dat is waar, maar toch...'
We moeten er allebei om lachen.


Het plaatje links is niet duidelijk voor haar:
     'Ja, ik zie dat ze knuffelen, misschien doen ze ook nog iets anders, maar dat kan ik niet goed zien. Wat een stom plaatje, ik zie niet eens wat ze verder nog doen.'


Aan het eind als ik weg ga, sta ik op en geef haar een hand.
     'Vind je het erg als ik blijf zitten?'
Ze zit in een grote zware rolstoel en kan daar echt niet zelf uitkomen. Zo aandoenlijk, ze heeft er (even)
geen erg in.


vrijdag 8 juli 2016

Nog een impressie

Uit mijn wekelijkse bezoekje: 

Boven gekomen is mevrouw B niet op haar kamer, maar na zoeken vind ik haar aan het eind van de gang, samen met drie andere dames. 
Ik vraag aan mevrouw B of ze naar haar kamer wil of dat ze hier wil blijven zitten. Ze wil hier wel blijven en dus ga ik er maar bij zitten. Ik lees voor uit Een visje bij de thee van Annie M. G. Schmidt, en later uit Fluisteringen, het Humble- quotesboekje. 
Het is erg leuk om deze quotes voor te lezen, de tekeningen te laten zien, en voor zover mogelijk even door te praten over de betekenis van de quotes. We hebben het bijvoorbeeld over de quote:
            'Liefde is sterker dan de dood.'
           
            ‘Ik denk dat het wel klopt; dat als iemand doodgaat waar je heel veel van hebt gehouden dat je daar nog na hun dood van blijft houden. Wat denken jullie?’
Ja, dat denken ze eigenlijk ook wel.
            ‘En misschien houden zij ook nog wel van ons als ze al dood zijn? Wat denkt u? Is dat mogelijk?’
De een denkt na, de ander heeft de ogen gesloten; het zal haar worst wezen waarschijnlijk. Eén mevrouw zegt;
            ‘Dan zie je zijn gezicht enzo.’
Ik beaam dat en zeg:
            ‘Ja, en je weet vooral nog het gevoel dat iemand je gaf.’

Er is één mevrouw bij en die  is ongelooflijk dankbaar voor deze ochtend. Ze houdt van Humble en ze houdt van mij. Ze vindt het knap dat iemand zo kan schrijven en tekenen, en dan leg ik uit dat ik het heb gemaakt. Dat vindt ze geweldig, ze vindt het een eer dat ik het zelf aan ze kom voorlezen. Toevallig heb ik net wat Humble boekenleggers bij me die ik heb laten maken voor de lezing die ik eind augustus over Humble ga geven. Op de boekenlegger staat de quote:
            ‘Geïnspireerd worden is mooi, maar het is nog mooier om zelf te inspireren.’
Ik deel de boekenleggers uit als cadeautje en ze zijn er, eigenlijk tot mijn verbazing, heel blij mee.
De grote fan- mevrouw bedankt me dat ze na deze ochtend rijker is dan toen ze kwam. Dat ze heeft mogen nadenken en genieten over het leven etc.
Haar reactie ontroert me.
            ‘Kan ik zo’n boekje kopen?’
            ‘Helaas, ik verkoop ze niet.’
            ‘Nou dan gééf je hem toch!’ zegt ze bijdehand.

Later sta ik met mijn jas al bij de deur om weg te gaan, de dames moeten zo eten, en dan hoor ik met een heel zacht stemmetje de vrouw die het over het gezicht van haar geliefde had zeggen:
            ‘Ik wil naar God toe, ik wil Gerard zien.’...
En ik denk: Oh mijn God, wat doe ik met haar.

donderdag 7 juli 2016

Ontroerend veldboeket

Het is heerlijk weer en onderweg van de bus naar het tehuis pluk ik een fraai, al zeg ik het zelf, veldboeketje bij elkaar. Het is even geleden dat ik mevrouw B heb gezien. Vorige week kon ik niet en de week daarvoor lag ze in het ziekenhuis en heb ik alleen een blik op een slapende mevrouw B kunnen gooien.
Wanneer ik binnenkom meld ik me altijd even bij de receptie. Terwijl ik daar sta te wachten komt een van de andere bewoonsters langs me gereden in haar rolstoel. Ze begint te stralen bij het zien van het veldboeket. Ik wil het haar van dichterbij laten zien en ontroerd neemt ze het van me aan:
     "Voor mij, echt waar. Oh wat mooi."
Uh...
Haar begeleidster wil zeggen dat dat niet de bedoeling is, maar ik maak een gebaar;  Laat maar.
Dat is toch een goede bestemming zo, en bovendien weet mevrouw B van niets, dus er wordt niemand tekort  gedaan.

origineel 23 juni 2016

Wat een ochtend

Eerst heeft de bus vertraging, of is hij al geweest en moet ik nog een half uur wachten? Nee, gelukkig, hij komt, slechts tien minuten later. Dan stap ik uit en loop de vertrouwde route. Eigenwijs als ik ben, neem ik het zandpad. Hahaha. Dat dacht ik, wat een bagger. Natuurlijk, na al die regen.
       
Maar goed, slechts iets later dan anders sta ik toch op een gegeven moment voor haar deur. De deur is dicht, wat is dat nou. Blijkt mevrouw al twee dagen in het ziekenhuis te liggen.  Had nou even gebeld, is mijn eerste reactie. Meteen daarna ben ik bezorgd. Ach gossie, wat heeft ze en hoe gaat het verder op die leeftijd. Ik vraag in welk ziekenhuis ze ligt, en dat blijkt op de weg naar huis te liggen. Omdat de bus terug toch maar één keer in het uur rijdt, ga ik een poging wagen om haar daar even te bezoeken. Iemand uit het huis geeft me een lift, wel fijn met die regen.
       
In het ziekenhuis loop ik van hot naar her en weer terug voordat ik haar gevonden heb. Eén van de verpleegsters maakt haar wakker voor me (!) en ik mag even naar binnen. Ach, de lieverd, daar ligt ze nou. Ogen dicht. Ik praat zacht tegen haar en aai voorzichtig over haar hand. Een lichte trilling in de oogleden, dat is alles. Ze ligt er rustig bij gelukkig. En ik besluit maar weg te gaan.
Ben ik tóch even op bezoek geweest.